Daar de aankoop van een muziekinstrument een grote financiėle kost met zich meebrengt, worden onze leerlingen in de mogelijkheid gesteld om voor een beperkte periode een instrument te huren (behalve piano, gitaar, accordeon, orgel en slagwerk).
Voor een blaasinstrument is dit maximum 2 jaar. Daar een strijkinstrument aangepast wordt aan de grootte van de leerling (eerst een 1/2, dan een 3/4, dan een 1/1), kan dit langer gehuurd worden. Pas wanneer de leerling voldoende groot is voor een 1/1 dient een eigen instrument aangekocht te worden.
Er zijn voor het huren van een instrument 2 mogelijkheden.
Huren van een instrument van de Gemeentelijke Academie.
Dit zijn hoofdzakelijk violen, cello's en fagotten.
De huurprijs (vastgesteld door de gemeenteraad) bedraagt meestal ongeveer 5 ą 10 % van de aankoopwaarde van het instrument.
Bij het huren van een viool wordt ook 15 per jaar gevraagd voor het opnieuw verharen van de boog (wat meestal om de 2 jaar moet gebeuren).
Voordeel : goedkoper
Nadeel : meestal oudere instrumenten en de huur kan niet gerecupereerd worden
Huren van een instrument van de Vriendenkring.
Dit zijn hoofdzakelijk blaasinstrumenten.
Hier bedraagt de huurwaarde meestal ongeveer 10 ą 15 % van de aankoopwaarde van het instrument.
Na 2 jaar echter heeft de leerling de mogelijkheid om dit instrument aan te kopen.
De betaalde huur en de waarborg worden dan van de aankoopprijs afgetrokken.
Voordeel : meestal nieuwe instrumenten en de betaalde huur kan gerecupereerd worden
Nadeel : duurder
Bij het aangaan van het huurkontrakt dient ook een waarborg betaald te worden ter waarde van 1 jaar huurgeld.
Indien men een instrument wil huren, dient men zich wenden tot het secretariaat van de Gemeentelijke Academie.